🌊 Aardrijkskunde β€” Water

Studiegids voor de toetsweek Β· HAVO / VWO

πŸ’§

De waterkringloop

Korte & lange kringloop + fase-overgangen

De korte waterkringloop

Het water maakt een korte reis: het gaat van de oceaan de lucht in en valt weer terug in de oceaan.

1
Verdamping β€” De zon verwarmt het oceaanwater. Het water verdampt en stijgt als waterdamp op.
↓
2
Condensatie β€” Hoger in de lucht koelt de waterdamp af en wordt weer vloeibaar β†’ er vormen zich wolken.
↓
3
Neerslag β€” Het water in de wolken koelt verder af β†’ regen, hagel of sneeuw valt direct terug in de oceaan.
Must know
78% van alle neerslag valt direct terug in de oceaan. Dat is de korte kringloop.

De lange waterkringloop

De overige 22% van het water maakt een langere reis over land voordat het weer in zee komt. Na verdamping en condensatie blazen winden de wolken naar het land, waar het regent. Vanaf daar zijn er meerdere routes:

Afstroming
Water stroomt over het land naar een rivier, die uitmondt in zee.
Evaporatie
Water op aarde verdampt direct weer terug de lucht in.
Transpiratie
Planten nemen water op en scheiden het uit als waterdamp.
Infiltratie
Water zakt de grond in en wordt grondwater. Via grondwaterstroming bereikt het uiteindelijk de zee.
Opslag in ijs
Neerslag in bergen of op de polen vriest vast op ijskappen en gletsjers. Na (heel) lange tijd smelt het weer.
Ezelsbruggetje
EATIG β€” Evaporatie, Afstroming, Transpiratie, Infiltratie, Gletsjers. Vijf manieren waarop water van land naar zee gaat!

Fase-overgangen van water

Water komt in drie fasen voor:

❄️
Vast
Ijs
πŸ’§
Vloeibaar
Water
♨️
Gas
Waterdamp
Must know
  • Condenseren = waterdamp wordt vloeibaar water (gas β†’ vloeistof)
  • Verdampen = vloeibaar water wordt waterdamp (vloeistof β†’ gas)
  • Waterdamp is onzichtbaar. De hoeveelheid water in de lucht = luchtvochtigheid.
  • Door klimaatverandering: meer regen, gletsjers smelten sneller.
🌍

Waar is water?

Verdeling, soorten water & drinkwater in Nederland

Verdeling van water op aarde

71%
aardoppervlak is water
97%
is zout water
3%
is zoet water

Van die 3% zoet water:

70%
ijskappen & gletsjers
29%
grondwater
1%
meren, rivieren, atmosfeer
Must know
  • Zout water kun je niet drinken β€” je wordt er dorstiger van en het is giftig in grote hoeveelheden.
  • Zoet water smaakt niet zoet β€” er zit ook zout in, maar veel minder dan in zeewater.

Drie soorten water

Oppervlakte­water
Water in vloeibare vorm op het aardoppervlak: rivieren, meren, kanalen.
Grondwater
Water onder het aardoppervlak. Ontstaat door infiltratie. Zit in een aquifer (waterhoudende laag boven een niet-doorlatende laag).
⚠️ Fossiel grondwater = water dat duizenden jaren vastzit en niet wordt aangevuld β†’ raakt op!
Atmosferisch water
Water in de lucht: wolken, neerslag en onzichtbare waterdamp. Belangrijk voor weer en klimaat.

Soorten rivieren

Regenrivier
Gevoed door neerslag. Voorbeeld: Maas β€” kleiner stroomgebied, waterstand kan erg wisselen.
Gletsjerrivier
Gevoed door smeltwater van gletsjers.
Gemengde rivier
Gevoed door regenwater Γ©n smeltwater. Voorbeeld: Rijn β€” groot stroomgebied, meer water.
Must know

Een stroomgebied is het hele gebied dat zijn water via een rivier afvoert.

Nederland ligt in 4 stroomgebieden: Schelde, Maas, Rijn en Eems.

Voorbeeld β€” Rijn vs. Maas

De Rijn is een gemengde rivier met een groot stroomgebied β†’ veel en relatief constant water.
De Maas is een regenrivier met een klein stroomgebied β†’ minder water, maar de waterstand kan sterk variΓ«ren. Bij hevige regenval kan er een piekafvoer ontstaan.

Drinkwater in Nederland

Nederlands kraanwater komt uit drie bronnen:

Grondwater
Schoner en goedkoper (lang in de grond gezeten, minder vervuild).
Oppervlakte­water
Water uit rivieren en meren. Vooral in West-Nederland, want dat ligt onder de zeespiegel.
GeΓ―nfiltreerd water
Oppervlaktewater dat door de duinen wordt gefilterd (duininfiltratie).
Onthoud
Kraanwater in NL is van goede kwaliteit en goedkoper dan flessenwater.
🌊

Te veel water: overstromingen

Oorzaken, kwetsbare gebieden & gevolgen

Wat is een overstroming?

Definitie β€” Must know
Een overstroming is wanneer een stuk land dat normaal droog staat, plotseling onder water komt te staan.

Oorzaken van overstromingen

Als het lang achter elkaar regent, of in korte tijd erg hard, stijgt het waterpeil in rivieren. De rivier kan het water niet meer kwijt β†’ het water treedt buiten de oevers β†’ overstroming.

In het voorjaar dooien gletsjers. Het smeltwater vult rivieren snel. In lagergelegen gebieden, waar het water niet meer naar beneden kan vallen, treedt de rivier buiten haar oevers.

Hevige regenval + zeewater dat tegen de kust wordt opgeblazen. Bij windkracht 12 = cycloon/orkaan.

Door een aardbeving op de oceaanbodem ontstaat een vloedgolf (tot 15 meter hoog!) die het land overspoelt.

Een groot deel van Nederland ligt onder de zeespiegel. Zonder dijken en dammen zou het regelmatig overstromen.

Must know
Piekafvoer = de verhoogde hoeveelheid water die rivieren moeten afvoeren. Twee hoofdoorzaken: zware regenval of smeltend sneeuw/ijs.

Welke gebieden zijn kwetsbaar?

Kustgebieden
Kwetsbaar voor overstromingen vanuit zee, stormen en tsunami's.
Riviergebieden
Bij piekafvoer treedt de rivier buiten de oevers en loopt het omliggende land onder.
Deltagebied
Waar een rivier uitmondt in zee. Herkenbaar aan vertakkingen. Kwetsbaar door ligging aan zee.
Laaggelegen land
Water stroomt altijd naar het laagste punt toe.
Stedelijk gebied
Veel bebouwing β†’ water kan moeilijk worden opgenomen in de bodem. Hevige regenbuien veroorzaken overstromingen als de kanalen, grachten, vijvers Γ©n riolering samen niet genoeg capaciteit hebben om het water af te voeren.
Voorbeeld β€” Nederland
Nederland is het laagst gelegen land van Europa met grote rivieren (Rijn, Maas, Schelde). We zijn een deltagebied aan de Noordzee. Daardoor zijn we extra kwetsbaar voor overstromingen.

Gevolgen β€” niet altijd negatief!

Positief gevolg
Als een rivier buiten de oevers treedt, blijft er een laagje slib achter β€” een soort modderige grond. Dit maakt het land erg vruchtbaar, goed voor landbouw. Daarom wonen veel mensen juist bij rivieren.
πŸ›‘οΈ

Bescherming tegen overstromingen

Deltawerken, dijken, Ruimte voor de Rivier & drietrapsstrategie

Deltawerken

Na de Watersnoodramp van 1953 besloot Nederland dat zo'n grote ramp nooit meer mocht gebeuren. Er werd een plan gemaakt: de Deltawerken β€” grote waterkeringen en sluizen die ons beschermen tegen stormen en hoogwater vanuit zee.

Oorspronkelijk zou hier een dam komen. Maar door protesten van vissers, bewoners en natuurorganisaties is het een kering geworden waar water doorheen kan stromen. Alleen bij te hoog water wordt de kering gesloten. Zo blijft de Oosterschelde een belangrijk natuurgebied.

In de Nieuwe Waterweg bij Rotterdam. Net zo groot als de Eiffeltoren op zijn kant! Er is gekozen voor deze ingewikkelde constructie zodat schepen de Rotterdamse haven kunnen blijven bereiken. Rotterdam blijft zo de grootste haven van Europa.

Must know β€” Extra rollen Deltawerken
  • Betere bereikbaarheid van Zeeland (auto's over dammen en keringen)
  • Zoet water opslaan voor drinkwater
  • Waterstand regelen

Dijken versterken en verhogen

Een dijk is een ophoging van steen, modder, zand of veen die het water tegenhoudt. Dijken worden goed onderhouden en op belangrijke plekken hoger, breder en steviger gemaakt.

Ruimte voor de Rivier

Een project van Rijkswaterstaat op verschillende plaatsen in Nederland. In plaats van rivieren opsluiten tussen dijken, geven we de rivier de overstromingsvlakten terug. Zo heeft de rivier meer ruimte bij hoogwater.

Drietrapsstrategie

Het beleid van Rijkswaterstaat om overlast door te veel water te voorkomen β€” in 3 stappen:

1
Vasthouden β€” Water zo veel mogelijk vasthouden in de bodem of door planten.
↓
2
Bergen β€” Als vasthouden niet meer lukt: water tijdelijk opslaan in oppervlaktewater/retentiegebieden. Dit water kan in droge tijden worden gebruikt.
↓
3
Afvoeren β€” Als er geen andere mogelijkheden meer zijn: water afvoeren via rivieren naar zee.
Must know
De drie stappen in volgorde: Vasthouden β†’ Bergen β†’ Afvoeren
🏜️

Te weinig water: watertekort

Droogte, waterbalans, gevolgen & maatregelen

Droogte β‰  "weinig regen"

Droogte hangt af van hoeveel regen er normaal valt in een gebied. We spreken van droogte als:

Must know β€” Waterbalans

De waterbalans = het verschil tussen water dat een gebied binnenkomt (regen, rivieren, grondwater) en water dat eruit gaat (verdamping, gebruik).

Negatieve waterbalans β†’ er gaat meer water weg dan er binnenkomt β†’ watertekort.

Schade door droogte

Landbouw
Planten krijgen te weinig water. Te weinig voor irrigatie. Oogst mislukt β†’ minder voedsel.
Rivieren
Waterstand zakt β†’ scheepvaart wordt moeilijk, minder water voor landbouw.
Natuur
Planten drogen uit, minder voedsel voor dieren. Hogere kans op bosbranden.
Mensen
Als watervoorraden en voedselvoorraden opraken, vallen er slachtoffers.
Spanning tussen landen
Rivieren stromen door meerdere landen. Stuwdammen stroomopwaarts β†’ minder water stroomafwaarts.
Voorbeeld β€” Turkije & Irak
Turkije bouwt stuwdammen in rivieren die naar Irak stromen. Daardoor krijgt Irak minder water β†’ spanningen tussen de landen.

Oplossingen: hoe kom je aan meer water?

Water vervoeren
Met flessen, tankwagens of leidingen. Effectief maar duur.
Water oppompen
Diep grondwater oppompen. Let op: fossiel grondwater raakt op!
Ontzilten
Zout uit zeewater halen door verwarming. Kost veel energie, is (nog) duur.
Stuwdammen
Rivier afdammen β†’ stuwmeer als watervoorraad. Nadelen: gebied onder water, bewoners moeten verhuizen, stroomafwaarts minder water, gevaar bij doorbraak.

Voorkomen is beter dan genezen

Duurzaam watergebruik
Zelf zuinig met water omgaan: korter douchen, geen zwembadje vullen bij warm weer.
Druppelirrigatie
Water via buizen en druppelsystemen naar planten β†’ minder verdamping en lekkage.
Hergebruik
Gebruikt industriewater opnieuw inzetten, bijvoorbeeld als koelwater.

Waarom neemt het watertekort toe?

De vraag stijgt:

πŸ“–

Begrippenlijst

Alle belangrijke termen op een rij
Aanlandige wind
Wind die vanuit zee richting het land waait.
Aquifer
Een waterhoudende laag in de ondergrond boven een niet-doorlatende laag.
Atmosferisch water
Water dat in de lucht aanwezig is (wolken, neerslag, waterdamp).
Bodemdaling
Het zakken van de bodem.
Condenseren
Waterdamp (gas) gaat over in vloeibaar water.
Cycloon / Orkaan
Een hevige tropische storm (windkracht 12).
Deltagebied
Gebied waar een rivier in zee uitmondt, herkenbaar aan vertakkingen.
Deltawerken
Grote waterkeringen en sluizen, gebouwd na de Watersnoodramp van 1953.
Dijk
Een door mensen aangelegde verhoging om water te keren.
Direct gevolg
Een rechtstreeks resultaat van een omstandigheid.
Drietrapsstrategie
Beleid: 1) vasthouden, 2) bergen, 3) afvoeren.
Druppelirrigatie
Water via buizen en druppelsystemen naar planten brengen, minder verspilling.
Economisch watertekort
Te weinig geΓ―nvesteerd om beschikbaar water bij de mensen te krijgen.
Evaporatie
Verdamping van water vanaf het aardoppervlak.
Fossiel grondwater
Grondwater dat al duizenden jaren vastzit in een aquifer. Wordt niet aangevuld, raakt op.
Fysiek watertekort
Er is simpelweg te weinig water in het gebied.
Gletsjerrivier
Rivier gevoed door smeltwater van gletsjers.
Grondwater
Water dat zich onder het aardoppervlak bevindt.
Indirect gevolg
Een niet-rechtstreeks resultaat van een omstandigheid.
Infiltreren
Water dat de grond in zakt.
Irrigatie
Extra watertoevoer naar landbouwgrond.
Kratermeren
Meren ontstaan uit vulkanische processen.
Luchtvochtigheid
De hoeveelheid water(damp) in de lucht.
Moesson
Wind die elk half jaar van richting verandert. Het ene halfjaar vochtig, het andere droog.
Morenenmeren
Meren die door gletsjers ontstaan zijn.
Ontzilten
Zout uit zeewater halen zodat het drinkbaar wordt.
Oppervlaktewater
Water in vloeibare vorm op het aardoppervlak (rivieren, meren).
Overstroming
Normaal droog land komt plotseling onder water te staan.
Piekafvoer
Verhoogde hoeveelheid water die rivieren moeten afvoeren.
Regenrivier
Rivier gevoed door neerslag. Voorbeeld: Maas.
Restmeren
Meren ontstaan uit vroegere zeeΓ«n.
Slib
Modderig laagje dat achterblijft na een overstroming, maakt land vruchtbaar.
Smeltwater
Water ontstaan door het smelten van gletsjers/sneeuw.
Stroomgebied
Het hele gebied dat zijn water via een rivier afvoert.
Stuwdam / Stuwmeer
Dam in een rivier die water tegenhoudt, waardoor een groot stuwmeer ontstaat als watervoorraad.
Tektonische meren
Meren ontstaan door beweging van aardplaten.
Transpiratie
Planten nemen water op en scheiden het uit als waterdamp.
Tsunami
Zeer hoge golf veroorzaakt door een aardbeving in de zeebodem.
Verdamping
Vloeibaar water gaat over in waterdamp (gas).
Vloedgolf
Golf ontstaan door een aardbeving, kan tot 15 meter hoog worden.
Waterbalans
Verschil tussen inkomend water (neerslag) en uitgaand water (verdamping, gebruik). Positief = genoeg water, negatief = tekort.
Waterkringloop
De kringloop van water met meerdere fase-overgangen.
Waterscheiding
Grens tussen twee stroomgebieden.
Watertekort
Er komt minder water binnen dan er uit gaat.